Eva Herskovits

vorige naam / volgende naam / namenlijst

Deze pagina wordt momenteel geredigeerd. Correcties en aanvullingen kunt u melden aan de redactie, via webmaster@herdenkingleiden.nl


Eva Herskovits

08.03.1928 Hannover
12.07.1973 New Jersey (VS)

Weeshuisperiode: 18.06.1941 – 07.11.1941 (officieel)
(informeel mogelijk eerder aangevangen, zie biografie)

 

 

Vader: Samuel Herskovits
03.03.1881/1883 Felsöszük (Transilvanië)
12.07.1944 Auschwitz

Moeder: Helene Kiss,
19.05.1894 Turcz (Transilvanië)
16.03.1939 Hannover

In dit gezin werden vijf kinderen geboren, allemaal te Hannover:
Margarete (Greta), 1922
Karl Franz en Francisca Klara, 1925 (tweeling).
Eva en Ruth 08.03.1928 (tweeling).

Stiefmoeder: Marie (Mania) Münzer, waarschijnlijk overleden in februari 1945
Stiefzus: Charlotte Sara (Lotte), 11.12.1925 Hannover – sept 1944 Auschwitz

Greta en de tweelingzussen Eva en Ruth overleefden de oorlog en Ruth schreef hier op hoge leeftijd een boek over. Het is de voornaamste bron voor onderstaande biografie van Eva. Er is toestemming van de familie voor het gebruik van de informatie en de foto’s.

 

Biografie Eva:

De tweelingzusjes Eva en Ruth Herskovits hadden de Duitse nationaliteit en kwamen uit een familie met Hongaarse roots. Hun vader was secretaris van de Joodse gemeenschap in Hannover.

De meisjes waren de tweede tweeling die in het gezin werd geboren. De andere tweeling was een jongen Karl en een meisje Klara. Karl leed aan tyfus en diverse andere kinderziektes, waaraan hij op tweejarige leeftijd overleed, voordat Eva en Ruth geboren werden. Klara had bij haar geboorte een hersenbeschadiging opgelopen en was al jong uit huis geplaatst. Eva en Ruth groeiden dus op in een gezin met een vader, moeder en oudere zus Greta.

Vader Herskovits hoopte dat zijn dochters naar Engeland zouden kunnen gaan. Eva en Ruth werden daarom met een zogenaamd Kindertransport op 4 januari 1939 naar Nederland gestuurd. Toen hun vader dit aankondigde bij een maaltijd, sprong Eva op van haar stoel. Ze smeekte om niet weggestuurd te worden. Het zou de eerste van vele keren zijn dat zij voor ons beiden opkwam, aldus Ruth in haar boek. Maar het smeken had geen succes, ze gingen naar Nederland, nog net geen 11 jaar oud. De dag ervoor werd een foto van het gezin gemaakt (zie onder).

Bij aankomst in Nederland verbleven de meisjes, na een quarantaine periode van 6 dagen in het Burgerweeshuis van Amsterdam, eerst enkele maanden in Wijk aan Zee. Eind april keerden ze terug naar het Burgerweeshuis. Op 16 maart overleed hun moeder aan de complicaties van een kleine operatie, waarover de meisjes niet direct werden geïnformeerd. Wel merkten ze dat de intensieve correspondentie met hun ouders in de weken na het overlijden opeens minder werd. Pas in mei werden de meisjes ingelicht door hun oudere zus Grete, die op doorreis naar Engeland was. Hun vader hertrouwde met Mania Münzer.

Door het comité voor Bijzondere Joodsche Belangen werd naar een adres in Nederland gezocht om de meisjes onder te brengen. Uit bewaard gebleven documenten (zie onderaan bij de documenten en foto’s) valt op te maken dat een bepaalde plaatsing niet doorgaat, omdat de meisjes dan gescheiden zouden worden.

Op 8 november 1939 verhuisden de tweelingzussen naar Leiden. Eva naar de familie Meijer (Thorbeckestraat 37) en Ruth naar de familie Bloemkoper (Thorbeckestraat 17), later verhuisde familie Bloemkoper naar Tiboel Siegenbeekstraat 20. Adressen vlakbij elkaar; beide straten zijn een zijstraat van de Roodenburgerstraat waar het Joods Weeshuis was gevestigd. De meisjes gingen naar de lagere school in Leiden. ‘Eva bracht regelmatig het weekend door met mij en klaagde ongelukkig te zijn bij de Meijers’, schreef Ruth in haar boek.

Toen brak de 10e mei aan van 1940. Ruth beschrijft dat mevrouw Bloemkoper haar ’s morgens vroeg wakker kwam maken. De zon scheen al fel en Ruth dacht dat haar vader hen misschien kwam ophalen. Maar Duitsland had Nederland aangevallen en de oorlog was begonnen. Ruth vertelt een bijzondere herinnering aan 14 mei 1940 in haar boek. ‘Op de dag van de capitulatie deed de kleine Joodse gemeenschap in Leiden nog een poging om naar Engeland te vluchten. We verzamelden ons allemaal in het Joods Weeshuis – waar Eva onlangs vanaf de Meijers naar toe was verhuisd. We brachten een hele nacht door in de foyer en wachtten op een teken dat er in IJmuiden een boot voor ons klaar lag’, aldus Ruth. ‘Maar er kwam geen boot en dus ook geen vlucht naar veiligheid voor ons.’
[Op basis van dit gedeelte uit het boek lijkt ook de datum van 18 juni 1941 als start van de weeshuisperiode voor Eva niet juist, wellicht is er een informele periode geweest voorafgaand aan 18 juni.]

De meisjes bleven in Leiden, en leerden intussen steeds beter Nederlands. Omdat de tweeling in de zomer van 1941 klaar was met de lagere school, werd er gekeken naar een vervolgopleiding. Door de nieuwe verordeningen van de Duitse bezetter bleek dit echter niet meer mogelijk.

Eva en Ruth verbleven uiteindelijk precies twee jaar in Leiden. Op 7 november 1941 keerden beide zusjes terug naar Hannover. Hun vader was papieren aan het regelen om samen te emigreren naar Cuba. Er kwam echter geen toestemming. Het oordeel ‘auswanderung vorläufig nicht möglich’ (emigratie voorlopig niet mogelijk) werd de titel van Ruth’s boek. Een vertrek naar Cuba had hun vader fysiek en moreel gered, maar de nazi’s lieten hem niet gaan en misbruikten zijn kennis om de joden van Hannover te vervolgen. Dochter Ruth schrijft hier openlijk over in haar boek.

Vader Samuel, hun stiefmoeder Mania, hun stiefzus Lotte, Eva en Ruth behoorden tot de laatste negen joden die in Hannover werden opgepakt. Ze kwamen in 1944 in Theresienstadt terecht en later in Auschwitz, waar Eva en Ruth door dr. Mengele werden geselecteerd voor zijn beruchte experimenten op tweelingen. Ruth beschrijft in haar boek een bijzondere poging van Eva om hun vader te sparen. Toen dr. Mengele een barak uit kwam lopen met een paar manschappen,  sprong ze voor hem en riep: ‘Alstublieft, dr. Mengele, spaar mijn vader!’ Het gezelschap duwde het meisje echter aan de kant. Eva kreeg geen antwoord, maar ook geen straf. Op 10 juli werden alle tweelingen opgeroepen. De meisjes werden gescheiden van hun vader, die kort daarna werd vergast. Later stierven ook hun stiefmoeder Mania en hun stiefzuster Lotte. Eva en Ruth verlieten het tweelingenprogramma.

Eva en Ruth werden op 1 mei 1945 bevrijd, en emigreerden beiden naar de Verenigde Staten, waar ze trouwden en allebei twee kinderen kregen. Hun zus Greta overleefde de oorlog en ook de familie Meijer in Leiden, waar Eva een tijdje inwoonde, overleefde de oorlog. De familie Bloemkoper, waar Ruth verbleef, werd in maart 1943 vermoord in Sobibor. Hun zus Klara, die na haar geboorte in een tehuis was geplaatst, overleed volgens officiële communicatie in 1941 aan dysenterie. Vele jaren later ontdekte Ruth dat haar oudere zus in werkelijkheid op 20 september 1940 was geëuthanaseerd in Hartheim, en dus ook slachtoffer was van de Shoah.

Naast een beschrijving van haar leven, reflecteert Ruth in haar boek op een krachtige wijze over de geschiedenis van haar familie in de oorlog, vooral die van haar vader, Eva en haarzelf. Ze vertelt ook hoe ze verschilt van Eva, die alles veel zwaarder en heftiger beleefde dan zij.

Eva’s leven eindigde op 12 juli 1973. Haar dochter schreef ons: ‘She committed suicide on the anniversary of her father’s death at the hands of the Nazis in Auschwitz. I think it is important to tell the truth, even when it is sad. So many survivors were so wounded by the traumas they lived through that they eventually took their own lives. Unfortunately, my mother was one of those people.’ (augustus 2020).

Ruth haar boek verscheen aanvankelijk in het Duits (2002) en pas in 2013 in het Engels, de taal waarin Ruth het had geschreven. ‘De memoires van Ruth zijn in verschillende opzichten een onderscheidend werk’, aldus Kenneth Waltzer, Professor and Director of Jewish Studies van de Michigan State University in het voorwoord.

Ruth overleed in 2016.

 

Boektitels:

Auswanderung vorläufig nicht möglich, Die Geschichte der Familie Herskovits aus Hannover, Ruth Herskovits-Gutmann, 2002

A Final Reckoning: A Hannover Family’s Life and Death in the Shoah (Judaic Studies Series), Ruth Gutmann, 2013.

 

Foto’s en documenten:

Familie Herskovits 3 januari 1939, de dag voor Eva (rechts) en Ruth (links) naar Nederland gingen met het kindertransport.


Eva en Ruth Herskovits in 1946 voor het sanitorium in Zweden, Ruth is daar herstellende. Eva staat rechts op deze foto (met donkere blouse).


Omslag van de oorspronkelijke uitgave van de memoires van Ruth Herskovits-Gutmann (2002). De familiefoto is genomen op 3 januari 1939, de laatste dag dat het hele gezin bij elkaar was.


De omslag van de memoires Ruth Gutmann ‘A final Reckoning’ (engelse vertaling, 2013). Op de foto staan Ruth en Eva Herskovits (Eva rechts) in 1946 voor een sanitorium in Zweden waar Ruth herstelde.

Enkele documenten
– Inzake de plaatsing van Eva (en Ruth) Herskovits in Leiden (bron: dokin.nl)
17 juli 1939 – brief van het Kindercomité, de meisjes worden niet gescheiden
26 aug 1930 – brief van het Kindercomité, opnieuw vervalt een plaatsing
27 okt 1939 – brief van Ministerie van Binnenlandse zaken, plaatsing bij de familie Meyer vervalt
3 nov 1939 – brief van Comité van Bijzondere Joodsche belangen, toch plaatsing bij de familie Meijer

– Auschwitz

Gedateerd 30 augustus 1944, een laboratoriumformulier van Eva en Ruth betreffende een urinecontrole. Ongeveer in deze tijd gaan Eva en Ruth naar het vrouwenkamp en gaan ze uit het tweelingonderzoek.

 

 

vorige naam / volgende naam / namenlijst