Sara (Selma) en Maurits Levie

vorige naam / volgende naam / namenlijst

Deze pagina wordt momenteel geredigeerd. Correcties en aanvullingen kunt u melden aan de redactie, via webmaster@herdenkingleiden.nl

 

Sara (Selma) Levie 
14-2-1926 Raamsdonk

overleefde de oorlog
8-7-2011 Vught

Weeshuisperiode:
2-11-1932 – 6-9-1933 (circa 10 maanden)

 

 

 

Maurits Levie
14-2-1926 Raamsdonk
30-4-1943 Sobibor

Weeshuisperiode:
2.11.1932 – 16.6.1936

 

 

Moeder
Theresia Levie handelaarster
Breda 20.4.1895 – 11.6.1943 Sobibor
Gedeporteerd: 8.6.1943

Sara, Selma genoemd, en Maurits Levie waren een tweeling. Hun moeder Theresia Levie was ongehuwd en bij de aangifte van de kinderen staat vermeld dat zij huishoudster was. Ze werd in november 1925 ingeschreven in Raamsdonk, zes maanden zwanger, dertig jaar oud. De adresaanduiding is J72. Zou dit het Adrianusklooster geweest zijn? Ze vernoemde de kinderen naar haar vader en haar moeder.
Theresia verliet Raamsdonk weer in september, toen de kinderen een half jaar oud waren en verhuisde naar Breda. Maar ze bleef niet lang in Breda, ze verhuisde in 1928 opnieuw, nu naar Ginneken, naar Valkenierspad 5. Daar is Moederheil gevestigd, opvang voor ongehuwde moeders.

In 1932 kwamen de kinderen naar het Joods Weeshuis in Leiden. Ze staan allebei op de groepsfoto die in november 1932 werd gemaakt. Selma bleef maar heel kort in Leiden, ze ging in september 1933 op zevenjarige leeftijd tegelijk met de iets oudere Chellie Leeda naar het Apeldoornsche Bosch, locatie Bas Backerlaan 16. Ook daar bleef Selma heel kort, ze ging op 7 november naar Tilburg waar ze in een pleeggezin terechtkwam.

Maurits bleef wat langer in Leiden, drieënhalf  jaar. Hij ging in 1936, toen hij tien jaar oud was, naar de Rudelsheimstichting. Op zijn kaart van de Joodse Raad staat als laatste adres Heideparkweg 31, Hilversum (het adres van de stichting). Hij werd gedeporteerd naar Westerbork en werd op 30 april 1943 vermoord, enkele weken voor zijn moeder.

Moeder Theresia kwam in april 1943 in Vught terecht, ze werd in juni 1943 gedeporteerd naar Westerbork. Op haar kaart van de Joodse Raad staat een verwijzing naar het St. Anthoniusgesticht te Leur, bij Breda. Theresia zat op het transport van 8 juni 1943 en werd in Sobibor vermoord. Ze kwam uit een gezin met zes kinderen, hun ouders waren voor de oorlog reeds overleden, al haar broers en zussen kwamen om in de oorlog.

Selma overleefde de oorlog. In het boek ‘Bijzonder: inzoomen op onderbelichte mensen’ is een portret van haar opgenomen en ze staat op de voorkant van het boek.

Nationaal Monument Kamp Vught maakte in 2007 een lespakket over een schoolklas in oorlogstijd, het was de klas van Selma in 1940. Maar Selma werd niet gevonden, tót 2011. Toen stond ze op de voorkant van het boek ‘Bijzonder, inzoomen op onderbelichte mensen’ en dat maakte dat ze werd teruggevonden.

Organisatie Ypse ontwikkelde daarna een spreekbeurtpakket in 2017 voor de bovenbouw basisonderwijs over kinderen van ouders met psychiatrische problemen. Ook daarin komt Selma uitgebreid aan bod en wordt haar verhaal verteld. Ook een uitsnede van de groepsfoto uit 1932 in Leiden staat daarin.

Selma woonde in 1940 bij een pleeggezin in Tilburg. Toen de directeuren van de scholen moesten melden welke Joodse leerlingen op een school zaten, stuurden de pleegouders als reactie dat Selma misschien een niet-joodse vader had. Het is waarschijnlijk de redding van Selma geweest. Ze overleefde dus de oorlog, maar haar moeder en tweelingbroer niet. Rond 1950 werd Selma opgenomen in Voorburg in Vught. Ze bleef er de rest van haar leven, tot ze in 2011 overleed.

Prachtig hoe zij via dit boek en de lespakketten zo mooi in de schijnwerpers is gekomen. Het spreekbeurtpakket schrijft:
“Dit spreekbeurtpakket is er gekomen dankzij Selma. Selma zelf heeft het niet meer kunnen zien. Ze was voor het pakket werd gemaakt al overleden. Wel heeft ze nog gezien dat ze op de voorkant van het boek ‘Bijzonder’ stond. Dat is belangrijk. Iedereen heeft het nodig om – al is het maar af en toe – zich bijzonder te voelen. Selma heeft geen gemakkelijk leven gehad. Maar op Voorburg is ze gelukkig geweest. Het was een plek waar voor haar gezorgd werd en waar zij voor mensen kon zorgen. Dat deed Selma vaak en graag. Zo wordt ze op Voorburg, de plek die haar thuis werd, nog altijd herinnerd.”

 

Leiden, juli 2022, Barbera Bikker

 

Foto’s:

Sara en Maurits waren bij de groepsfoto van november 1932 nog maar kort in het Weeshuis. Hun foto’s bovenaan deze pagina zijn uit deze foto gehaald. (bron: album Levisson)

 

Groepsfoto 1934, Maurits staat op vrijwel dezelfde plaats als in 1932. (helemaal rechts, de middelste rij)

 

Joodsmonument.nl: Maurits Levie en Theresia Levie

vorige naam / volgende naam / namenlijst